De Light-weight

 

De Light-weight

 

Deze Land Rover was speciaal gemaakt voor het Britse leger. Ze moest vervoerd kunnen worden door de Britse Westland Wessex helikopter. Deze kon een gewone Land Rover niet ‘liften’, dus werd er een light-weight versie van de Land Rover gemaakt. Onze landmacht heeft uiteindelijk 4400 van deze light-weights gekocht. 

Tony Kalf, voormalig Sgt. TD vertelde me dat de hele auto een flop was. Alleen al in 1986 waren er 24 modificaties uitgevoerd. De 3/4 tonners daar in tegen waren volgens Tony redelijk betrouwbaar  Deze zag je weinig in de werkplaats, in tegenstelling tot de light-weights. De light-weights bleken de meest onderhoudsgevoelige en slechtst gebouwd auto van de landmacht, aldus Tony. De wagen was door British Leyland snel in elkaar geflanst omdat Engeland met de invoering van de Wessex helikopters overging naar luchtmobiele inzet van haar leger.

Doordat dit type Land Rover lichter in gewicht moest zijn zodat een Wessex heli haar nog kon meenemen, moest er flink aan gewicht reductie gedaan worden aan ondermeer de motor, chassis en carrosserie. Dit ging natuurlijk ten koste van betrouwbaarheid. Daar werd door de Britse overheid op een bijzonder manier op gecalculeerd; de levensduur op het slagveld bedroeg een zeer korte tijd, dus was het niet belangrijk of er makkelijk aan de light-weight kon worden gesleuteld ! De LW had de militaire motor en aandrijflijn. Het Britse leger wilde die "organiek" houden ivm. onderhoud. Het enige waar dus op bespaard kon worden was de carosserie, waardoor de auto (LW) weer meer op de originele Willy's ging lijken. Over conservatisme gesproken.  Uiteindelijk was de besparing ongeveer gelijk aan het gewicht dat de series II woog.  Overigens was de auto al verouderd toen Nederland de light-weights in dienst nam. Vandaar het ’koopje’ van hofleverancier Leyland en de Britse overheid aan onze landmacht. 

Dat deze haast klus van Leyland niet goed heeft uitgepakt mag wel blijken dat de light-weight een korte bouw periode heeft gekend en niet verder is ontwikkeld zoals de Serie 3s.   

 

 

Private Pike tijdens oefening Munster-Sud 91-1, inclusief UZI-proppenschieter.

 

Uzi-pistoolmitrailleur

 

Een Uzi-pistoolmitrailleur, kortweg Uzi, is een machinepistool en zeer geschikt is voor het gevecht op korte afstand. Met het wapen kan zowel automatisch (vuurstoten) als schot voor schot worden gevuurd. De Uzi is vernoemd naar de ontwerper, de Israëlische legerofficier Uziel Gal.  Het prototype werd voltooid in 1950. Bij de Suezcrisis in 1956 werd het wapen voor het eerst in een oorlogssituatie gebruikt. De Uzi bleek een succes, deze voldeed ruimschoots aan de gestelde eisen. In de daarop volgende jaren werd het wapen verder verbeterd door een aantal modificaties. Tot eind 2001 heeft de Israëlische firma IMI voor meer dan US$ 2 miljard aan Uzi's aan meer dan 90 landen verkocht. De Uzi werd tussen 1960 en 1983 in licentie geproduceerd door de Belgische wapenfabriek FN Herstal. De definitieve versie (1960) wordt nog steeds geproduceerd in Israel.

De Uzi is een uiterst robuust, betrouwbaar en licht wapen, gemakkelijk te onderhouden en met weinig bewegende onderdelen uitgerust. Het wapen is blind in enkele stappen uit elkaar te halen, ook is het zeer snel en maar op één manier in elkaar te zetten. Het wapen heeft een inklapbare kolf. Door de kolf te gebruiken kan het wapen stabieler worden afgevuurd en kunnen doelen beter worden geraakt. De uzi is een wapen dat op korte afstand (tot 100 meter) bijzonder effectief is. Met het gevechtsvizier worden – indien juist gericht – alle doelen tot 100 meter getroffen. Nederland was het eerste land dat een order voor het leger plaatste. De Uzi bestemd voor de Nederlandse Landmacht had een magazijn voor 32 patronen,  De Nederlandse (landmacht)uitvoering was herkenbaar aan het bevestigingspunt voor een bajonet. De Uzi was van 1960 tot 1998 in het Nederlandse leger in gebruik.